REISVERSLAG ROEMENIË-REIS MEI 2010.

Op de vrijdag na Hemelvaartsdag loopt in een aantal huizen in Rijssen omstreeks 4 uur ’s nachts de wekker af en dat is al heel vroeg  in een weekend waarin veel mensen vrij zijn, maar....... er staat voor ons weer een transport gepland naar Roemenië en al bijna 20 jaar lang is het de vaste week tussen Hemelvaartsdag en Pinksteren dat die reis in het voorjaar door ons gemaakt wordt. We hebben afgesproken omstreeks 5 uur te vertrekken, dus dan moet je wel vroeg uit de veren.
Deze reis zullen Jan Bakker, Derk Pas en Hans Bouman als “ridders van het eerste uur” opnieuw maken.

Voor Hans geldt dat dan ook nog bijna letterlijk, omdat hij dit jaar werd benoemd als Lid in de Orde van Oranje Nassau en daarbij het “lintje” kreeg opgespeld door de burgemeester van Rijssen. Hans kreeg deze Koninklijke onderscheiding onder meer wegens zijn jarenlange inzet voor Roemenië-hulp. Daarmee telt onze kleine stichting nu twee “ridders” , want al eerder kreeg onze voorzitter Herman Zonnebelt ook een lintje, ook mede wegens zijn werk voor Roemenië.

Omdat Herman Zonnebelt door ziekte nog steeds niet mee kan, hebben we gezocht naar iemand anders die deze reis mee wil en ook kan maken. Die werd gevonden in de persoon van Gerard Pas, inderdaad een broer van onze “good old” Derk.  We konden dus met recht spreken dat we zeker “goed te Pas “ waren.

Jan en Derk bemannen opnieuw een flinke en krachtige Mercedes Sprinter, die tot onze beschikking staat dankzij de al jarenlange gulle medewerking van Staalbedrijf Voortman. Daarachter gekoppeld een  heel grote en ook hoge aanhangwagen! We hebben de aanhanger maar niet gewogen, want anders zou je misschien buikpijn krijgen...... maar dat er fiks wat in zat, was wel duidelijk. En dan de avond voor vertrek ook nog constateren dat er geen echte transportbanden onder de aanhanger zitten maar “gewone “ autobanden, daar zou je inderdaad met buikpijn mee op weg gaan. Als de banden door het gewicht te warm worden......

Hans en Gerard rijden in een Volkswagenbus met tandem-as aanhangwagen, ook opnieuw beschikbaar gesteld door Bouwbedrijf Nieuwenhuis. Deze bus en aanhanger zijn  ook bepaald niet leeg, maar zo veel gewicht als de andere combinatie leggen zij zeker niet op de schaal.

Rond de klok van 5 uur staan beide combinaties bij Hans thuis voor de deur en zijn we klaar voor vertrek. We willen in een keer doorrijden naar Boedapest en daar in de loop van de avond zijn. Dat wordt dus doorrijden en niet te veel lummelen onderweg. Gelukkig zijn de koelkasten in de auto’s behoorlijk gevuld en we hoeven onderweg zeker niet te verhongeren.

Als we echt klaar staan voor vertrek komt Derk tot de ontdekking dat zijn  navigatiesysteem, dat onlangs een up-date onderging, niet goed werkt en dat Roemenië van de kaart is verdwenen. Er wordt besloten om toch maar zo’n apparaat mee te nemen en Jan spoedt zich door nachtelijk Rijssen naar zijn huis om zijn “tom-tom” op te halen.

Het is dan ook inmiddels 05.20 uur als we echt vertrekken en we zitten 5 minuten later op de autosnelweg. Het zal nog wel even duren voordat we weer op een gewone weg rijden....

Als we de Duitse grens na een klein half uurtje gepasseerd zijn en even later de A31 oprijden richting Ruhrgebied, stoppen we op de eerste parkeerplaats even om alles even na te kijken. Effe checke, u weet wel.  Even kijken of alles goed loopt, de remmen vrij zijn en zo. Het blijkt dat de bandjes van de grote aanhangwagen al aardig warm zijn. Oei oei, als dat maar goed gaat, we hebben nu nog zo’n 15 uur voor de boeg naar Boedapest en morgen nog eens zo’n tijd naar de eindbestemming in Roemenië.... tijd om warm te lopen hebben ze dus wel...

Soms zit het mee, soms zit het tegen. Als even later de regen overvloedig naar beneden komt, wrijven we ons in de handen. De bandjes krijgen nu voldoende koeling en zullen het wel houden. Dat het de hele reis, zowel heen- als terugweg, bleef regenen vonden we zelf niet zo fijn, maar voor de bandjes was het goed dus prijzen we ons gelukkig.

Na een voorspoedige reis komen we om goed half negen ‘s avonds in Boedapest aan en we worden hartelijk welkom geheten in de pastorie in de Frangepan door  Katalin Szloboda. Haar man, dominee Joszef, is voor een conferentie naar München en komt pas in de loop van de volgende week terug.
We kunnen de combinaties op het erf tussen de kerk en de pastorie parkeren, wel zo veilig in een stad als Boedapest.
Katalin heeft het warme eten klaar staan en dat laten we ons prima smaken, waarbij  natuurlijk de laatste nieuwtjes worden uitgewisseld.

Daarna installeren we ons op de gastenverblijven, nemen een lekkere douche en even later knorren we heerlijk weg.

De volgende morgen is het weer vroeg opstaan: om 5 uur loopt de wekker af en we frissen ons lekker op, pakken onze bagage weer in de bussen en maken alles weer gereed voor vertrek. Katalin heeft een heerlijk ontbijt voor ons klaar staan en dat laten we ons nog even goed smaken.

Onze timing is weer prima, want op de geplande tijd van 06.00 uur rijden we het erf van de pastorie af. Het is zaterdagmorgen en de straten van Boedapest zijn niet echt verlaten, maar druk is het zeker niet. Dat scheelt en een half uurtje later zijn we deze grote stad uit en we knorren naar het zuiden, richting Szeged en Arad.  Vanaf Boedapest  tot aan de Roemeense grens bij Arad, is toch nog een kleine 3 uur rijden. Onderweg zetten we af en toe een lekkere verse bak koffie en af en toe nemen we een “bölke” harde worst en een bekertje kwark of yoghurt en het is zo goed vol te houden.

Als we de grens met Roemenië zijn gepasseerd en even verderop de benodigde tol-vignetten hebben gekocht, verbazen we ons opnieuw over het verschil met enkele jaren geleden, toen de grenspassage telkens toch een spannende en tijdrovende bezigheid was met allerlei ambtelijke flauwekul. Nu is het een blik in de paspoorten en een vriendelijke groet en we kunnen doorrijden.
wp8f4f7176_0f.jpg

We vervolgen onze weg via Arad richting Sebes en dan gaat het richting Sibiu-Fagaras-Brasov. Dit zijn nu allemaal de onvermijdelijke 2-baans wegen en alhoewel de weg goed is, schieten we toch niet echt zo vlot op als we zouden willen, want het is ook behoorlijk druk op deze doorgaande route en veel inhalen kun je wel vergeten met een zware vracht in je auto en de aanhangwagens achter je aan.

Na opnieuw veel regen, maar ook veel koffie, bereiken we de grote stad Brasov en dan is het nog een half uurtje naar Dobolii de Sus, onze eerste eindbestemming. Het is ’s avonds tegen 7 uur onze tijd (8 uur plaatselijke tijd) als we dit kleine dorpje binnenrijden en we worden hartelijk verwelkomd door de familie Albert. Ze zijn echt blij ons weer te zien, het is door alle toestanden inmiddels ook al weer 1,5 jaar geleden dat wij zelf bij hen waren. Gelukkig konden we wel tot 2 keer toe een grote hoeveelheid hulpgoederen laten afleveren, maar daar waren wij zelf niet bij.

Nadat we de auto’s hebben gestald (het kost de nodige chauffeurskunsten om de zware aanhangwagens op het smalle paadje naar de pastorie te krijgen, maar het lukt toch)  gaan we de pastorie binnen waar natuurlijk de tafel gedekt staat en we schuiven gretig aan, want we hebben onderweg natuurlijk wel het een en ander opgepeuzeld aan kwarkjes, yoghurtjes, crackers en natuurlijk de harde droge worst,  maar geen echte maaltijd gehad.

Natuurlijk kletsen we lekker bij en na elkaar zo’n lange tijd niet te hebben ontmoet is er best veel te bespreken. We horen dat eindelijk de benodigde vergunningen voor de restauratie van het oude kerkje binnen zijn en als de archeologen hun werk hebben gedaan kunnen de feitelijke bouwwerkzaamheden beginnen. De verwachting is dat het in juni kan beginnen.

Verder bespreken we de (on-)mogelijkheden over de voortzetting van de hulpverlening aan de kinder-hartkliniek in Kovasna, waar we vorig jaar de recreatiezaal hebben voorzien van veel attributen voor de kinderen om zich een beetje te kunnen vermaken. Tafelvoetbalspellen, een tafelbiljart, een grote tafeltennistafel en heel veel klein speelgoed hebben we daar gebracht voor de kinderen. Ook is er een begroting gemaakt wat de renovatie van de kliniek zou gaan kosten en wat daar verder bij kwam kijken.

Ds. Janosz Albert vertelt dat hij in het afgelopen najaar opnieuw in de kliniek was maar hij mocht van de leiding niet naar binnen......onlangs had hij nog weer contact heeft gehad met de directeur van de kliniek en hem gezegd dat wij, vanuit Nederland, graag een bezoek wilden brengen aan de kliniek en om daarbij te kijken hoe de situatie nu is en wat er met de door ons gebrachte spullen is gebeurd. Toen werd hem meegedeeld dat wij niet welkom waren.......
Op de vraag waar dan de door ons gebrachte spullen waren of waren gebleven kreeg hij geen ander antwoord dan: die zijn weg. Op zijn vragen waar het spul dan was kreeg hij iedere keer een ontwijkend antwoord.
Omdat wij dus niet welkom zijn in de kliniek en geen zicht kunnen krijgen wat er met de door ons gebrachte goederen gebeurt, hebben wij besloten om de hulp in die kliniek met onmiddellijke ingang stop te zetten.
Jammer natuurlijk voor de kinderen die het aangaat, maar wij willen niet meehelpen om iemand anders (lees: de leiding thuis......??)  te voorzien van goederen.

Omdat het ook hier nog steeds volop regent, ziet Janosz voor morgen problemen als we de zware aanhangwagen de bult op moeten trekken naar de openbare weg. Daarom besluiten we om dan meteen maar aan te pakken en de aanhangwagen leeg te halen.
wpc4b39837_0f.jpg
Met vereende krachten wordt de aanhanger leeg- en de schuur volgepakt. We hebben van alles bij ons voor het dorpje Dobolii de Sus: vooral veel kleding (nog steeds echt nodig en gewenst !!) huishoudelijke apparatuur, enkele heel grote emmers met muurverf voor het te renoveren kerkje, bedden, medische uniformen en op verzoek van Janosz: een kruiwagen.

Janosz wilde heel graag een kruiwagen want er moet nogal wat versleept worden bij de verbouwing en renovatie van het kerkje. Herman zag kans een nieuwe kruiwagen (met nog een extra reservewiel !!) op de kop te tikken. Tsjonge, wat was Janosz daar blij mee. Zijn vrouw Ilona moest in de kruiwagen zitten en hij maakte zo een ere-rondje over het erf !!
wp71a5659a_0f.jpg

Als de klok steeds maar verder tikt (waarom zou die dat ook niet doen......) installeren we ons tegen middernacht toch maar in de gasten-slaapkamer. We hebben er weer een lange dag op zitten dus het duurt niet erg lang voor we de volgende reis beginnen: naar dromenland.

Het lijkt er op alsof we er aan gewend raken om vroeg op te staan: de volgende morgen om 6 uur zijn we al weer uit de veren. Maar als we ons, om beurten, naar de badkamer willen begeven om ons te wassen en te scheren, komt Janosz er direct aan: er zijn behoorlijke problemen omdat de watervoorziening niet meer werkt.
Uit onderzoek blijkt dat door de grote hoeveelheid regen die hier ook gevallen is ( en het regent nog steeds) het grondwater zo hoog is gekomen dat de put achter de pastorie ook heel erg hoog vol is gelopen, waardoor de hydrofoor (de pomp die zorgt dat het water naar de woning wordt gepompt) ook onder water is komen te staan en niet meer werkt.
wpca6fd937_0f.jpg

De techneuten onder ons (waarbij de schrijver dezes zich zeker niet rekent) verbazen zich er over dat de pomp geen kortsluiting heeft gegeven. Hoe kan dat nou ? Het blijkt dat de zekering die er bij zit, “deskundig” is omzeild door de familie. Tsja, een dun draadje van een zekering brandt direct door als er kortsluiting is, maar een dikke ijzerdraad brandt niet zo snel door........  !

Lacy, de zoon van Janosz, heeft de pomp al uit de put getakeld en op advies van ons wordt de pomp eerst maar eens te drogen gelegd, we zullen morgen wel verder zien wat er aan te doen is.

Omdat we ons toch moeten wassen en scheren gaat Ilona met twee emmers lopend naar de grote dorpsput waar ook het vee wordt gedrenkt en waaruit de mensen ook water halen. Zij haalt de emmers vol water, giet die in de keuken over in grote metalen pannen die op het fornuis staan, en na zo’n 20 minuten hebben we toch lekker warm water om ons te wassen. Maar niet om te drinken uiteraard.......

We trekken onze zondagse kleding aan en na een prima ontbijt hebben we nog wel tijd om even in de tuin rond te lopen. Het is nu eventjes droog, dus daar genieten we maar meteen van. Om 11 uur is de kerkdienst in het bijgebouwtje van de kerk hier. Janosz heeft ons al verteld dat hij direct na de dienst door moet naar Zagon, een dorpje op zo’n 8 kilometer afstand. Daar zal een belijdenisdienst zijn waarbij de plaatselijke predikant assistentie heeft gevraagd van Janosz. Op de vraag van Janosz of wij ook mee willen gaan, antwoorden wij positief: dat lijkt ons ook wel leuk om mee te maken, al verstaan we niet veel van de dienst. Janosz zegt dat het in zijn eigen kerk vanmorgen niet al te druk zal zijn omdat er ook dorpelingen naar Zagon gaan. We zullen zien.......

Als de dienst om 11 uur begint in het kerkzaaltje, kijken we onze ogen uit: er zitten 4 grote kerels uit Holland in de zaal, daarnaast is de predikant (uiteraard) aanwezig en ook zijn vrouw Ilona en zijn zoon Lacy. Verder zijn er welgeteld.......2 vrouwen uit het dorp.

Later vertelt Janosz dat hij bekend heeft gemaakt dat hij deze zondagmorgen ook in Zagon zou zijn, maar de nadruk  ook   is kennelijk niet goed begrepen, want de dorpelingen zijn er vanuit gegaan dat hij alleen in Zagon zou zijn en dus niet in zijn eigen dorp voor zou gaan.......

Als de dienst net zo’n kwartiertje aan de gang is worden we opgeschrikt door het “piepelepiep” van een mobiel telefoontje. Janosz kijkt wat geïrriteerd op: had je dat ding niet op stil kunnen zetten, lijkt hij zich af te vragen....Een van de twee aanwezige vrouwen trekt verschrikt haar mobieltje uit de jaszak en drukt op een paar toetsen en dat was het dan.......althans voorlopig.

We zijn weer een dikke tien minuten verder als opnieuw het piepelepiep, piepelepiep klinkt. Dezelfde vrouw trekt opnieuw haar mobieltje uit haar jaszak en lijkt in het apparaat te spreken iets als: Ja met Truus, ja, ik zit nog in de kerk, het duurt nog wel een half uurtje maar zet de koffie maar vast op......

Nu is Janosz duidelijk geïrriteerd. Hij zegt er niets van, maar zijn lichaamshouding spreekt boekdelen. Tsja, als je geen waterleiding hebt maar wel een mobiele telefoon en daar ook nog tijdens een kerkdienst mee gaat zitten “kwaken”, dan is er toch duidelijk iets mis.

Als de dienst voorbij is stappen we vrijwel direct in een van onze bussen en we vertrekken direct richting Zagon, waar de dienst ook al om 11 uur begonnen is. Als wij bij de kerk in Zagon aankomen is de dienst dus al zo’n anderhalf uur aan de gang.

Janosz loodst ons de kerk binnen, die tot onze verbazing afgeladen vol zit: naar schatting een dikke 400 mensen zitten in de kerk. Wij worden meegenomen langs de rijen en krijgen een prominente zitplaats voor in de kerk. Ik denk dat er op dat moment ook wel zo’n 800 ogen op ons gericht waren: komen er halverwege de dienst ineens een stel vreemde kerels de kerk binnen en worden ook nog eens pontificaal vooraan neergezet....

De dienst gaat gewoon verder en wij zijn net op tijd om de belijdenissen mee te maken: eerst de jongelui, dan de mannen en daarna de vrouwen....... In deze streek is men gewend om na een aantal jaren (meestal om de 5 jaar) ook als oudere zijn of haar openbare geloofsbelijdenis te herhalen. Aansluitend aan de belijdenis viert men meteen het Heilig Avondmaal, ook weer eerst de mannen en daarna de vrouwen.

Na de viering van het Avondmaal wordt de kerk langzamerhand toch wel leeg. We zien vrij veel mensen naar buiten gaan. Als de dienst ten einde is, is de kerk nog maar voor een kwart gevuld...... Op elkaar wachten is er kennelijk niet bij. Als zijn / haar proces klaar is, dan ga je toch gewoon vast naar buiten ??

Als wij even later ook buiten komen staan er veel groepjes mensen in de tuin om de kerk en worden er de nodige staatsieportretten gemaakt van de personen die belijdenis deden, met de predikant in hun midden.

Wij maken hier en daar een praatje (voor zover men een beetje Duits of Engels spreekt) maar dan worden wij zo langzaamaan toch aan de mouw meegetrokken naar een apart zaaltje, waar de kerkenraad bij elkaar is. Daar worden ook de nodige begroetingen gedaan en wordt het overgebleven brood en wijn samen opgemaakt. Men gooit hier echt niets weg wat nog te eten of te drinken is.....
wp20f88503_0f.jpg
Na een half uurtje vinden we het mooi geweest en we vertrekken  weer naar  Dobolii. Als we daar aankomen heeft Ilona het eten al weer klaar staan. Tsja, als je de gastvrijheid niet weet te waarderen of niet van veel en vaak eten houdt, moet je niet naar Roemenië gaan......

Omdat Gerard graag een viool en strijkstok wil hebben (zo eentje waar niets aan blijft hangen......) gaat Janosz op zoek en na verschillende telefoontjes heeft hij beet: een kennis van een kennis van een kennis ( want zo werkt het daar ook) heeft wel zoiets te koop. Hij zal het vanmiddag brengen bij de gezamenlijke kennis in Sfanthu Gheorge en daar kunnen we de viool bekijken en een prijs overeenkomen.

Na het eten maken we een rondwandeling door het dorpje. We komen op deze rustige zondagmiddag weinig bekenden tegen. Wel zien we weer de zigeunerwoning waar meer dan 40 mensen wonen, in het krottige huisje, de schuurtjes en het erf. Als volwassenen daar (bewust??) voor kiezen...... maar de kinderen.???....triest......... !!! We weten gelukkig dat ook zij meedelen in de goederen die wij brengen in het dorpje.

Terug bij de pastorie blijkt dat de waterpomp (hydrofoor) al mooi droog is geworden en de techneuten Derk, Jan en Gerard sleutelen hier en daar wat aan de pomp. Volgens Janosz heeft dat weinig zin want het ding heeft helemaal onder water gestaan en zal het nooit meer doen..... Maar we laten ons niet uit het veld slaan en warempel: na enige tijd slaat de pomp weer aan en loopt als een zonnetje.....
wp642ee0be_0f.jpg
Daarna gaan we naar Sfanthu Gheorge om bij de kennissen van Janosz de viool te bekijken. Jan en Hans zijn al eerder bij deze mensen thuis geweest en de begroeting is dan ook hartelijk, maar dat geldt zeker ook voor de Passen....
De viool, die Gerard alleen maar wil gebruiken als decoratie aan de muur, ziet er prima uit, alleen is er geen strijkstok bij en die hoort er toch net zo zeker bij als harde worst bij ons transport.......
Na een paar telefoontjes blijkt een andere kennis weer een strijkstok te hebben die wel te koop is. Maar hij heeft geen tijd om die te brengen, dus moeten we morgenvroeg nog maar weer een keer op pad. Je moet er wat voor over hebben.......

We verlaten de kennissen en omdat we toch naar Sfanthe Gheorge moesten hebben we meteen dochter Bobo meegenomen, zij moet met de trein weer naar de universiteit waar zij studeert. Tsjongejonge, we kennen haar al vanaf de tijd dat zij een paar weken oud was en nu is zij ruim 1000 weken oud en studeert aan de universiteit...... waar blijft de tijd.
wpa2ade25b_0f.jpg

We zetten Bobo af op het station en wachten even tot zij daadwerkelijk vertrekt. Dan keren wij terug naar Dobolii, waar ( al weer.....) een maaltijd voor ons klaar staat.
Na de maaltijd zitten we nog geruime tijd bij elkaar en bespreken allerlei zaken, zowel onze prive-aangelegenheden  als de zaken die onze hulpverlening betreffen. Hieruit blijkt dat de hulp nog steeds hard nodig is en zeker ook zeer gewaardeerd wordt. Voor de nabije toekomst zullen wij ons mede ook richten op de renovatie van de kerk in Dobolii, een voor deze mensen erg belangrijk gebouw.

Als het bedtijd is (en dat is daar in de regel al aardig vroeg in de avond) kruipen wij ook maar op tijd in bed en we kunnen nu een lekker lange nacht maken. Dat mag dan ook wel na een aantal korte nachtjes.

De volgende morgen, het is inmiddels maandag, blijkt Derk al vroeg op pad te zijn gegaan met Janosz om wat onderdelen te halen voor de waterpomp. Derk wil de pomp wat hoger plaatsen zodat deze niet te snel weer onder water komt te staan. Alleen in de (strenge) winter moet de pomp verder naar beneden worden geplaatst om bevriezing te voorkomen.
In Zagon kan het benodigde spul gekocht worden en met armen vol leidingen en koppelingen komen beide mannen terug. Het installeren is vrij vlot gebeurd en de pomp loopt tot op de dag van vandaag prima. Janosz is nog steeds verbaasd dat de pomp het nog doet, hij had het ding al lang afgeschreven.

Aan het eind van de morgen rijden we samen met Janosz en zijn zoon opnieuw naar Sfanthu Gheorge om de strijkstok op te halen.  Janosz met zijn eigen auto (de door ons geschonken Renault 9) en wij met onze bussen. We willen direct daarna doorrijden naar ons volgende adres. En als je dan denkt dat je dat “even vlotjes regelt” dan zie je dat dat niet zo maar lukt in Roemenië, waar de mensen niet allemaal een klok, maar wel de tijd hebben......
Natuurlijk moeten we eerst rustig gaan zitten en uitgebreid koffie drinken, maar uiteindelijk komt de strijkstok dan toch tevoorschijn en het is een fraai exemplaar. De koop wordt afgewerkt en na een hartelijk afscheid vertrekken we weer.
Janosz brengt ons een eindje op weg naar de juiste uitvalsweg en dan stoppen we even aan de kant van de straat om ook van deze vriend voorlopig afscheid te nemen.

Dan rijden we verder door een prachtig gebied en onderweg genieten we van het vele natuurschoon.
wpb6ba8bb8_0f.jpg
Als we onderweg door de grotere stad Miercurea komen, moeten we een rotonde op en daar staat een politie-controle. Derk, die met Jan voorop rijdt, krijgt een stopteken en omdat wij nu eenmaal bij elkaar horen, stopt Hans ook. Maar dat schijnt niet de bedoeling te zijn, de andere agent maant ons om door te rijden. De poging om uit te leggen dat we bij elkaar horen, mislukt. Wij moeten doorrijden........
Hans draait de rotonde half rond en parkeert de bus met aanhanger in de zijstraat en loopt snel naar de bus van Derk en Jan.
Een ijverige politieagent staat de gegevens van Derk te noteren. Als Hans aan Derk en daarna ook aan de agent vraagt wat er aan de hand is en waarom Derk wordt opgeschreven, komt er geen duidelijk antwoord: Derk weet het niet en de agent weigert antwoord te geven.

Wat is dit nou weer voor flauwekul ? Je mag toch weten waarom je gegevens genoteerd worden en je mag toch ook weten wat je eventueel fout hebt gedaan?  Hans spreekt de agent opnieuw aan en zegt dat hij een collega is van de politie in Nederland. De man verandert op slag en geeft Derk zijn paspoort terug, zegt wel 3 keer achter elkaar dat er niets aan de hand is en dat het gewoon een controle is en dat we verder mogen rijden........en dat deden we dan ook maar.

We vervolgen onze weg en een uurtje later arriveren we in het dorpje Miklosfalva, waar onze oude vrienden Denes en Piroska  Csifo zich hebben gevestigd na de pensionering van Denes. Wij zijn hier nog niet eerder bij hen geweest, maar in zo’n klein dorpje (hooguit zo’n 150 woningen) is het adres snel gevonden.

We worden bij aankomst hartelijk verwelkomd door het genoemde echtpaar en hun zoon Levente en schoondochter Timi, verpleegster in Odorhei. We zijn blij verrast met het prachtige (houten) huisje dat zij hebben laten bouwen achter op het erf van de oude woning van Piroska’s ouders. Het ziet er werkelijk prima uit en zowel van buiten als ook van binnen is het bijzonder fraai afgewerkt.
wp56ed7105_0f.jpg

Omdat het net even droog is, besluiten we om direct de meegebrachte hulpgoederen, waaronder ook een forse partij medische uniformen en medische (verband-)artikelen uit te laden. Vanuit het ziekenhuis in Odorhei wil men graag de goederen hier uitsorteren per afdeling en dan vervoeren naar het ziekenhuis. Anders krijgt de ene afdeling veel en de ander (bijna) niets.... Wij kunnen ons wel vinden in deze verdeling.

Natuurlijk hebben we ook voor de familie Csifo, hun kinderen maar ook voor hun hoogbejaarde ouders (ruim in de 90 ...!!) wat spullen meegebracht, waar men erg blij mee is.
wp180bc810_0f.jpg
We bekijken het huisje van Denes en Piroska van boven tot onder en we kunnen meteen onze persoonlijke spullen op de twee slaapkamers zetten, die ook prima voorzien zijn. Waar Denes en Piroska dan moeten slapen ?  In de woonkamer op de bank, want de beste bedden zijn voor de gasten, dat is heel normaal hier.

Hierna bekijken we het huis van de bejaarde ouders en van de (klein-)kinderen Levente en Timi met hun baby, die onder hetzelfde dak wonen. Zo wonen er dus 4 generaties op hetzelfde erf.  Ook een vrij normale situatie op het platteland.

Omdat het nog steeds droog is, besluiten we samen een verkenningswandeling door het dorpje te maken.

Piroska toont ons een aardig huisje dat te koop staat op een aardige lap grond. Vraagprijs omgerekend zo’n 18.000 Euro..... je zou het bijna zo kopen, maar ja.......’t is een beetje ver voor een weekendretour.

We wandelen verder en over de erg drassige grond, waar hier en daar open riolering stroomt, maken we letterlijk een ronde om het dorp en daarna dwars door het dorp heen. Het dorpje blijkt inderdaad weinig inwoners te hebben maar Piroska zegt dat er misschien wel meer mensen uit de grote stad Odorhei naar dit dorp komen om te wonen en met de komst van deze forensen zou de situatie beter worden in het dorp. Laten we het hopen.
wp8fedcaf4_0f.jpg
We willen eigenlijk nog wel iets verder wandelen, het woud in, maar daar doen onze gastheer en gastvrouw niet aan mee: veel te gevaarlijk !!  Zij vertellen dat het hier “wemelt” van de bruine beren en het absoluut te gevaarlijk om nu het bos in te gaan. Het is in deze buurt al een paar keer voorgekomen dat de beer mensen aan heeft gevallen en ’s nachts komt de beer regelmatig in het dorp, op zoek naar voedsel. We besluiten dan ook maar om op het “rechte pad” te blijven.........

Als we terugkomen bij het huis van de familie Csifo begint het alweer te regenen. We zetten ons in de gemakkelijke bank in de woonkamer en Piroska gaat in de open keuken aan de slag met een warme maaltijd, die we ons even later ook prima laten smaken.

Na de maaltijd zitten we nog geruime tijd gezellig bij elkaar en bespreken allerlei zaken. Ons blijkt dat het leven van Denes en Piroska na hun vertrek uit de pastorie van Kanyad toch behoorlijk veranderd is. Maar zij aarden hier nu toch goed en zijn blij met de aanwezigheid van elkaar: (groot-)ouders en (klein-)kinderen..

Voor we naar bed gaan, duiken twee van ons nog lekker even onder de douche, die er ook prima uitziet en niet onder doet voor de gemiddelde douchegelegenheid bij ons.

Na een lekker nachtje slapen gaan de volgende morgen de andere twee van ons onder “de pomp” en dan zien we dat er vrij veel water uit de douche-cabine in de badkamer lekt. Piroska vertelt dat dat het enige probleem in hun nieuwe huisje is: het water blijft maar langs de naden lekken en alhoewel de installateur er al een paar keer bij is geweest en zo ongeveer alles dicht heeft gekit, blijft het maar lekken. Onverklaarbaar...........
wp9df0ee4d_0f.jpg
De eerder genoemde techneuten gaan op onderzoek uit en beginnen met het demonteren van de hele cabine, tot en met de douche-bak aan toe. Helaas breekt daarbij een afdichtingsring af, die de afvoer van de douchebak verbindt met de riolering.
Om alles goed af te kitten (Derk heeft toevallig voldoende kit in de bus liggen) moet alle oude kit verwijderd worden. Daarom staan de niet-techneuten tijden lang in de keuken, bezig met het absoluut kitvrij maken (= dus afkrabben) van alle gedemonteerde onderdelen. Tsjonge jonge, wat een kilo’s kit zijn er hier al aan gesmeerd !!

Derk gaat toch maar direct op pad met Denes om te proberen in Odorhei een nieuwe afdichtingsring te kopen bij een bouwmarkt of zoiets. Ondertussen gaat de rest door met het demonteren en schoonmaken van de douchecabine. Piroska vertelt een paar keer dat niemand er iets van snapt dat de lekkage maar aanblijft.


Dan, als de onderste delen van de cabine gedemonteerd zijn, valt ons ineens iets op en dat blijkt meteen de oorzaak te zijn van de lekkage: op de (verchroomde) delen van de cabine zit een heel dun laagje folie, ter bescherming tegen krassen bij het transport en montage. Maar bij de montage moet dat folie er wel afgehaald worden, anders kun je kitten wat je wilt, maar dan blijft het lekken.........inderdaad !!

Nu het euvel gevonden is, kunnen we snel weer beginnen met de opbouw, maar we moeten wachten tot Derk en Denes terug zijn, maar dat duurt nogal even en we willen ook aan het eind van de morgen nog naar vrienden in Petek even een kopje koffie drinken. En vanmiddag om 4 uur moeten we in Odorhei zijn bij het ziekenhuis, waar de directie ons verwacht.

Als Denes en Derk eindelijk terug zijn is het ook al weer tijd om naar Petek te gaan, anders wordt het allemaal te laat.  We besluiten dan ook maar om eerst naar Petek te gaan.

Onderweg vertelt Derk waarom het zo lang duurde om een nieuwe ring te halen:  de plaatselijke “Gamma” had niet zo’n soort en maat ring, dus......Denes wist nog een kennis die werkt op een metaalbedrijf. Daar dus op aan en de man was direct bereid het euvel te verhelpen: hij ging direct met draaibanken en dat soort apparaten aan de slag en maakte ter plaatse een nieuwe ring. Handig en niet duur, althans volgens onze normen.
wp2cf105c4_0f.jpg
Dat Derk dit wel mooi vond als collega-metaalarbeider, hoeft geen nadere uitleg. Volgens Derk was de apparatuur wel verouderd, maar werd een kwalitatief prima product gemaakt.

Inmiddels zijn we aangekomen in Petek, waar Deszo en Ida wonen. De begroeting is ook hier allerhartelijkst, ook hier zijn we anderhalf jaar niet geweest. Er valt het nodige bij te praten en te bekijken en natuurlijk staat ook hier even later de tafel gedekt en wordt uitgebreid eerst soep, vervolgens aardappelpuree met sla en schnitzels en daarna gebak en taart naar binnen gewerkt. Vindt u het vreemd dat je in gewicht aangekomen bent als je terug bent in Nederland??

Het spijt ons echt wel maar we kunnen niet zo heel lang bij deze lieve mensen blijven zitten, want de ziekenhuisdirectie wacht op ons....Gelukkig hebben Deszö en Ida daar begrip voor. In Roemenië wordt heel vaak gezegd dat die Hollanders altijd drukte hebben en alles snel snel moet, maar als je “Programm” hebt, dan is er begrip voor......

We rijden via Miklosfalva, waar we een paar “stalen” van de door ons meegebrachte medische artikelen en uniformen meenemen, naar Odorhei.  We parkeren op het terrein van het ziekenhuis en als we binnenkomen krijgen we meteen plastic hoesjes aangereikt om over onze schoenen aan te trekken en even later staat in de hal de complete directie van het ziekenhuis aangetreden.

Na de kennismaking krijgen we een prima rondleiding en veel uitleg over de gang van zaken in het ziekenhuis en wat onze ondersteuning voor hen betekent. Daarna gaan we in de “personeelskantine” koffie drinken, weer met de nodige koek en gebak vergezeld en praten nog wat na met de medisch directeur. Eigenlijk is het heel eenvoudig: met de geschonken uniformkleding en operatiekleding zijn ze heel erg blij want de kwaliteit is prima. En omdat men geen geld uit hoeft te geven aan uniformkleding voor het personeel kan men dat geld besteden aan andere zaken.

We krijgen daarna een brochure overhandigd van het ziekenhuis en daarin staat onder de kolom “SPONSORS “  onze naam: Stichting Goederen voor Roemenië te Rijssen / Holland.
Leuk dat daar  aan gedacht is. Daar doen we het niet voor, maar toch leuk dat je niet vergeten wordt........
wpa4920f2b_0f.jpg

Onder grote dank verlaten we het ziekenhuis weer en keren terug naar Miklosfalva, waar de tafel al weer gedekt staat en we ons het eten weer goed laten smaken. Daarna gaan de techneuten weer verder met de opbouw van de douche-cabine en na enige tijd staat het geheel weer prima zoals het hoort en....... na testen blijkt dat de lekkage is verholpen !

We kletsen nog gezellig wat na maar als de klok richting tien uur gaat, zoeken we toch onze bedden maar weer op, want morgen is het weer vroeg op.

Om 5 uur in de morgen gaat inderdaad de wekker en we frissen ons lekker op ( ja ja : in de douchecabine....!!) , schuiven een prima ontbijt naar binnen en dan is het tijd om afscheid te nemen. We schuiven nog gauw een paar pakken koffie om de deur bij de grootouders die ons achter het raam staan uit te zwaaien en ons uitbundig bedanken en dan rijden we echt weg.

Via de ons inmiddels zeer goed bekende weg Cristuru Secuiesc, waar de weg binnen de bebouwde kom nog steeds erbarmelijk slecht is, rijden we richting Tirgu Mures en van daar gaan we naar Cluj Napoca, waar ons een prettige verrassing wacht: een tiental kilometers voor deze grote plaats wordt aangegeven dat we de autobaan kunnen volgen richting Oradea aan de Hongaarse grens. Aan de weg naar de autobaan heen mag echt nog wel heel wat gebeuren (totaal kapot gereden) maar eenmaal op de autobaan zien we dat het een prima weg is. De autobaan is over een lengte van naar schatting 40 kilometer klaar en is echt te vergelijken met soortgelijke wegen in West-Europa.

Als we de autobaan weer moeten verlaten, gaat het weer verder over tweebaanswegen. Onderweg stoppen we nog even om wat toeristische inkopen te doen en verse koffie te zetten en dan gaat het weer verder. De passage bij de grens levert opnieuw totaal geen problemen op en we zijn binnen 2 minuten beide grenzen (de Roemeense en de Hongaarse douane / grenspolitie) voorbij. Wat een verschil met enkele jaren geleden !

We houden de draf er aardig in en als we in de poeszta tussen Debrecen en Boedapest zijn, stoppen we even om een mooie sorbet om zeep te helpen. We houden een jarenlange traditie in ere !
Daarna rijden we verder en bereiken zo rond de klok van 7 uur de pastorie in Boedapest, waar Joszef en Katalin ons warm ontvangen. Natuurlijk vertellen we onder het genot van een traditionele maaltijd onze ervaringen. We hebben een aantal mooie ervaringen opgedaan en daar zijn wij,  maar ook de Szloboda’s blij mee.

Na een lekkere nacht ronken gaan we de volgende morgen even op visite bij onze vriend Joshi. Uiteraard nemen we voor hem ook altijd een presentje mee in de vorm van een levensmiddelenpakket. Dat wordt erg gewaardeerd en al te ruim heeft dit gezin het ook niet. Als we daarna nog even een paar inkopen doen zoals fijne Hongaarse wijn en heerlijke paprika’s en worst, is het al weer middag.

Samen met Katalin gaan we daarna nog lekker even de stad in. Boedapest heeft zo veel moois te bieden ! Een heerlijke wandeling langs de Donau, even een terrasje “pikken” en wat kleine inkopen doen: we genieten van deze middag.
wpf9c46d79_0f.jpg
Eenmaal terug kleden we ons om en aan het begin van de avond gaan we met Joszef en Katalin en zoontje Bennie lekker even uit eten in een goed restaurant in de buurt. De andere kinderen gaan niet mee, zij hebben andere bezigheden. We genieten van een prima maaltijd en de goede en gezellige gesprekken. Natuurlijk is het ook voor Katalin fijn dat wij hen mee uit eten nemen, dan hoeft zij niet opnieuw de keuken in om voor het hele spul te koken.

Na dit uitje wandelen we terug naar de pastorie en we pakken al vast wat spullen bij elkaar, want morgenvroeg willen we ook weer op tijd vertrekken, we willen voor de ochtendspits Boedapest uit zijn.

De volgende morgen gaan we om half vijf uit bed en na de gebruikelijke plichtplegingen pakken we de bus in met de persoonlijke bagage en schuiven vervolgens aan het ontbijt dat Katalin heeft klaargemaakt. Als we ons dat goed hebben laten smaken, nemen we afscheid van de familie Szloboda, deze goede vrienden die altijd voor ons klaar staan met raad en daad en die al zo vaak ook met ons meereisden naar Roemenië.

We zien inderdaad kans om de ochtendspits van Boedapest voor te blijven en geven de beide bussen goed de sporen. De terugreis gaan we via Wenen-Passau-Neurenberg-Frankfurt en dat schiet ook best lekker op. Het is tegen half acht in de avond als we de Nederlandse grens bereiken en we bellen naar huis dat we over een half uurtje thuis hopen te zijn. De koffie staat klaar, wordt gezegd aan de andere kant van de lijn en dat blijkt even later zeker waar te zijn: koffie met gebak........en een flink aantal familieleden die blij zijn dat we weer heelhuids terug zijn en zelfs een echtgenote die gefeliciteerd wordt met haar verjaardag omdat zij jarig was in de tijd die wij onderweg waren.......je moet er iets voor over hebben.....

We hebben er weer een reis op zitten en ook deze reis was prima. Voldaan zijn we zeker, maar we gaan nog even door, want de armoede op het platteland is men nog niet te boven. Maar het gaat de goede kant op en wij zijn blij dat wij ons steentje daar aan bij kunnen dragen. Niet uit eigen kracht, maar gestuurd, geholpen en weer thuisgebracht door Hem van wie wij de overvloed aan dingen krijgen die wij mogen en moeten delen met hen die veel minder hebben.


Rijssen, augustus 2010.
Hans Bouman